De transformatie van de organisatie zoals we die kennen is de transformatie van het business-model en het hele marketing- en management-denken en beheerst elk aspect hiervan.

De daadwerkelijke transformatie die dan plaats vindt is de verandering in de manier waarop we dingen zien en begrijpen en omvormen in plaats van marginale aanpassingen te maken in de “materiële” wereld en deze zien als verandering, met veelal onbewust als uitgangspunt het oude economische model. De valkuil in het bewerkstelligen van een transformatie, is telkens onbewust terug te grijpen naar het oude paradigma en deze als basis te zien. Er moet geleerd worden hoe te transformeren.

 

Transformatie als innovatie

Een andere state of mind is het oude paradigma te kennen, alleen de visie van het nieuwe als uitgangspunt te gebruiken. Als men het nieuwe ‘model’ helder heeft, heeft men ook een helder beeld van waar de transformatie in het oude paradigma plaats gaat vinden en of er wel sprake is van een nieuw model als zodanig.

Transformeren begint alleen al bij het loslaten van denken in hokjes, oude paradigma’s en modellen. De bewustwording, onderlinge verbinding, interorganisatie en transformatie is dan de innovatie.

 

Transformatie, de weg naar Interorganisatie

Transformatie is de noodzakelijke basis en voorwaarde voor het proces naar Interorganisatie en is, in deze context, de weg naar interorganisatie. Transformatie is een weg van zelfinitiatie, zelfactivatie, zelfrealisatie, zelfsturing, en zelforganisatie. Op welke manier deze transformatie dan ook tot stand komt. Deze transformatie is noodzakelijk om een volgend niveau van ondernemen te bereiken. Waarin de organisatie een nieuwe dimensie krijgt van zichzelf als organisatie.

De transformatie van het business-model, marketing en management is deel van deze spelveranderende transformatie.

Test jezelf in hoeverre je bereid bent om het onderstaand gedachtengoed los te laten en een nieuwe te aanvaarden en merk op welke weerstand het eventueel oproept. Want het houdt mogelijk in het gehele concept van management, marketing en zelfs klantgerichtheid simpelweg los te laten.

 

Zeven Inzichten en transformaties

1 – De transformatie van management; Management maakt plaats voor zelfsturing en zelforganisatie.

2 – De transformatie van strategieën; Concurrentiestrategieën worden strategieën gericht op “diversiteit-in-eenheid”. Participatie als strategie en katalysator voor schaalvergroting  – in plaats van de strategie van expansie. Deelname in plaats van overname.

3 – Transformatie van winst, rendement en vermogen.

4 – Transformatie van markt, marktsegmentatie en marktaandeel. Welke ís de transformatie van behoeftevervulling van doelgroepen, naar invulling en vervulling van een missie. Klantgericht wordt mensgericht. Doelgroepen en segmentatie van markten verdwijnen.

5 – Transformatie van supply chain naar “supply circle”, ofwel van de lineaire vorm van de distributieketen in een volledig getransformeerd circuit van bijdrage in het geheel van voorzieningen en oplossingen.

6 – Transformatie van functioneel ingerichte organisatie naar interdisciplinaire ingerichte organisatie. Mensen en daarmee organisaties selecteren zichzelf in dat wat zij nog langer willen doen, waar, met wie en wanneer.

7 – Transformatie van rechtsvormen en afhankelijkheid van instituten. Eigen initiatieven ter voorziening in eigen voorzieningen zoals bijvoorbeeld energie.

 

Management maakt plaats voor zelfsturing; het einde van de management-gedachte.

Door individuele bewustwording ontstaat er een verandering in leiderschap.
Leiderschap als concept krijgt zijn ware betekenis en uiting in de wereld. Wellicht ten koste van de management gedachte. Hoewel management vaak gelijk getrokken wordt met leiderschap hebben ze op zich weinig met elkaar van doen.
Wanneer we spreken van management dan hebben we het over kunstmatig door mensen bedachte processen en besturing hiervan. Dit heeft niets van doen met intuïtie of waarden. Leiderschap gaat over de essentie.
Het is de bewustwording van innerlijk leiderschap en de houding waarop dit naar buiten toe wordt uitgedragen, wat de kwaliteit van het genomen leiderschap bepaald.
Deze bewustwording houdt in dat management slechts functioneel is en als de “managementlaag” niet voldoet er leiderschap genomen dient te worden. En eerlijk gezegd zou men kunnen afvragen of de meeste managementlagen wel voldoen. Dit houdt ook in dat management, en het zijn van een manager (zover deze bestaat) eerder onderdeel is ván het leiderschap, in plaats van andersom. Dit is een essentieel verschil in perceptie.

 

Participatie, strategie en katalysator voor schaalvergroting; Participatie in plaats aquisitie, extensie in plaats van expansie, deelname in plaats van overname.

De participatie van landen aan de wereldeconomie zou in essentie moeten resulteren in overvloed voor het totaal van de wereldbevolking. Niet als optelsom van bruto nationaal producten, maar als exponent. Dat dit nog niet het geval is voor de gehele wereldbevolking is een indicatie dat er in zekere zin een bepaalde in-efficiency is in de mate waarin deze overvloed wordt gedeeld.
Voor deze in-efficiency, gebaseerd op de oude economie, is de komst van de deeleconomie met andere spelregels, de wijze waarop collectief samen wordt gewerkt, oplossingen gecreëerd worden, collectieve financiering plaatsvindt, kennis wordt gedeeld en eigendom wordt gedeeld (niet verdeelt) en als gevolg van het overvloedbewustzijn, een ware oplossing.
En deze vindt mondiaal plaats als wel op micro-economisch niveau. Participatie vindt in een bepaalde zin op alle niveaus plaats en is een andere manier waarop de bewustzijnsrevolutie tot uiting komt.

 

Transformatie van winst, rendement en vermogen.

Win-kwadraat als resultaat is een concept dat terrein heeft veroverd. Return on investment transformeert zich in ‘return on involvement’ en wat dit inhoud wordt in een intergeorganiseerd verband direct duidelijk.
Winsten worden nu nog gebruikt om vermogen op te bouwen en te expanderen, terwijl de financiering (lees de totstandkoming) van deze expansie collectief plaats kan vinden. In een manier waarop men non-profit durft te denken en als organisatie herkent dat alles wat men als organisatie wil bereiken, groei, schaalgrootte, invloed, kennis, alleen al zonder winst gemanifesteerd kan worden. Hoewel winstmaximalisatie in nieuwe zin deel is van de missie, zoals dit in oude zin deel was van de ondernemingsdoelstellingen, winst, omzet en marktaandeel.

 

Transformatie van markt, marktsegmentatie en marktaandeel.

Kunnen we nog spreken van markten indien verschillende organisaties – zoals de ‘voorheen’ commerciële organisaties en NGO’s met hun disciplines op verschillende terreinen – hun kennis, middelen en schaalgrote bundelen om gezamenlijk te werken aan oplossingen.
Elke samenwerking, zeker wanneer men kiest in meerdere verbanden te gaan samenwerken, zal specifieke oplossingen vragen van een organisatie en daarmee een unieke inzet hiervan. De activiteit en het aanbod van de organisatie is dan uniek binnen – en valt dan geheel samen met het geheel.
Het aandeel van het geheel wordt aandeel in het geheel. Het kwantificeerbaar maken van markaandeel, die daarmee niet meer bestaat, blijkt dan in principe een zinloze bezigheid.
Groei van de vraag om specifieke oplossingen zal hierbij blijven. Met een grotere diversiteit tot gevolg. Afname van gestandaardiseerde producten en productiemethoden zal wél een feit worden. Maar het stuk efficiency in de processen dat we geleerd hebben zal meegenomen worden om binnen het geheel efficiënt te zijn ín de oplossingen.
Het is een transformatie van behoeftevervulling en doelgroepen, naar invulling en vervulling van een missie. Klantgericht wordt mensgericht. De benadering wordt mensgericht. Doelgroepen verdwijnen en segmentatie blijkt ineens zinloos.

 

Transformatie van supply-chains naar supply-circles.

Het kan bijna niet anders dan dat de supply-chain in een intergeorganiseerde vorm ook een minder lineaire vorm krijgt.
Bij het realiseren van intergeorganiseerde projecten, zijn partijen betrokken die bijdragen in de vorm van het vrij beschikbaar maken van middelen, expertise, kennis, schaalgrote en kernwaarden. Zij voorzien in dat waar zij goed in zijn en delen elkaars waarden. En dit kunnen partijen zijn uit variabele achtergronden. (los van het marktdenken)
Projecten die geïnitieerd worden zullen gebaseerd zijn op de nieuwe wetmatigheden van non-lokaliteit, non-institutionaliteit, non-ownership, non-employment en non-profitability.
Collectief geactiveerd, collectief geleid, collectief geïnnoveerd, collectief gefinancierd, collectief gerealiseerd en onderling verbonden!
Ieder deelt alles met iedereen, in nieuwe circuits, eventueel gebruik makend van een eigen betaal- of uitwisselsysteem. Een volledige supply-circle voorziet in overvloed voor het geheel. Alle nodige partijen zijn dan aanwezig voor het succes van het geheel.
Doel is te komen tot volledige ‘supply-circle-solutions’.

 

Transformatie van de functioneel ingerichte organisatie naar een interdisciplinair ingerichte organisatie.

Bij interorganisatie horen interdisciplinaire taken, die mensen invullen vanuit interne of externe pool, naar waar men goed in is of zou willen doen. Vaste functies bestaan niet meer. Men is wel dienstbaar, alleen niet meer in vaste dienst van een organisatie.
Taken blijven, hoewel de vorm van de functies dan uiteraard veranderen. Belangrijk wordt eveneens een eigen flexibele, interdisciplinaire-multi-inzetbaarheid met als doel werken aan gemeenschappelijke oplossingen.
Een juiste persoon op de juiste plek kan iedereen zijn indien die maar over de juiste kwaliteiten beschikt. De juiste plek voor de juiste persoon kan ook een plaats zijn in meerdere organisaties en zo krijgt het ‘nieuwe werken’ een extra dimensie in een nieuwe dimensie van organisaties. Het nieuwe flexwerken kan men misschien zien als de nog niet volledig getransformeerde – en dus nog niet in de ontwikkeling voltooide overgangsvorm van oud naar het nieuwe werken.
Onnodig mensen te ontslaan indien ze niet meekomen in de ontwikkelingen of tegemoet kunnen komen aan de wensen van een organisatie. Als zij zichzelf niet meer vinden passen, verlaten zij zelf de organisatie vroeg of laat. Selectie vindt automatisch plaats. Werknemers selecteren zichzelf. En de organisatie selecteert zichzélf eerst in dat wat zij vind passen in wat zij nog langer doen.

 

Transformatie van rechtsvormen en afhankelijkheid van instituten.

Wat is dan nodig? Omarmen van en handelen volgens de nieuwe wetmatigheden.
Het model van de nieuwe economie is een ‘non-model’. De nieuwe economie is een non-institutionele economie, off-the-grid, waar men in eigen voorzieningen kan voorzien. Waar mensen een weg zoeken naar nieuwe manieren van werken en leren, zonder een noodzakelijke vaste functie, werkomgeving of infrastructuur, non-employed en non-lokaal, in nieuwe organisatievormen met nieuwe rechtsvormen.
De nieuwe wetmatigheden zijn alles-veranderend en creëren orde in de schijnbare chaos van de crisis en in de ontwikkeling van de hele revolutie zelf. En zoals elke revolutie heeft deze betrekking op elk aspect van de maatschappij.

 

Essentiele transformatie is noodzakelijk, waarom?

Het is deel van de transitie.
Hoewel er een einde komt aan de paradigma’s van de industriële revolutie, de nieuwste technologische ontwikkelingen liggen nog steeds in het verlengde van de gehele technologische ontwikkeling van deze industriële revolutie zoals die tot nu toe heeft plaatsgevonden. Deze revolutie gaat door, zoals het onderdeel is van de grotere revolutie, namelijk die van bewustwording. Ze vinden beiden plaats in deze nieuwe tijd van verandering en het is die technologie die zich nog steeds verder ontwikkeld en door zal blijven gaan.
Parallel aan die technologische ontwikkelingen zijn er andere veranderingen. De ontwikkeling naar een open wereldeconomie van groeiende opkomende wereldspelers. En nieuwe spelregels die mogelijk een periode van chaos en verwarring veroorzaken. Hoewel deze verwarring verdwijnt naarmate men de nieuwe spelregels herkent en leert te hanteren. En naarmate ingrijpende maatregelen deel worden van het nieuwe handelen.
Het zijn met name deze macro-economische factoren die van belang zijn voor de beslissingen van vandaag. En deze kan men ook op microniveau herkennen. Zoals ontwikkeling op individueel niveau plaats vindt zo veranderen ook factoren op collectief niveau. Dezelfde spelregels gelden overal op alle niveaus en voor iedereen.